Wat is dan het juiste antwoord?
Neem even de tijd voordat u verder leest.
Veel mensen lossen dit instinctief van links naar rechts op:
6 − 6 = 0
0 × 6 = 0
Anderen denken ten onrechte dat het 36 of zelfs 30 is.
Maar de standaard wiskundige regels vertellen een ander verhaal.
Correcte volgorde van bewerkingen:
In de wiskunde wordt vermenigvuldiging altijd vóór optellen en aftrekken uitgevoerd (tenzij haakjes de volgorde omkeren).
Bereken dus eerst:
6 × 6 = 36
De vergelijking wordt nu:
6 − 36 = -30
Het juiste antwoord is
6 − 6 × 6 = -30
Waarom vinden zoveel
mensen dit raadselachtig? Het raadsel is gebaseerd op het feit dat mensen de volgorde van bewerkingen vergeten (vaak aangeduid als PEMDAS, BODMAS of BIDMAS, afhankelijk van waar je wiskunde hebt gestudeerd).
De regel is simpel: Haakjes,
Machten,
Vermenigvuldigen en delen (van links naar rechts),
Optellen en aftrekken (van links naar rechts).
Omdat vermenigvuldigen vóór aftrekken komt, moet je eerst 6 × 6 berekenen.
Eindantwoord