In een recent gesprek benadrukte de gerenommeerde cardioloog Dr. Jeremy London het belang van krachttraining voor het onderlichaam ter voorkoming van hartaanvallen. Hij benadrukte dat het trainen van de benen de algehele spiermassa aanzienlijk kan vergroten, wat cruciaal is voor de gezondheid van het hart. Deze constatering komt in een tijd waarin hartziekten nog steeds de belangrijkste doodsoorzaak zijn in de Verenigde Staten, met jaarlijks ongeveer 805.000 hartaanvallen.
De belangrijkste conclusies
- Sterke benen zijn belangrijk : oefeningen voor het onderlichaam kunnen het risico op een hartaanval verlagen door de spiermassa te vergroten en de insulinegevoeligheid te verbeteren.
- Voordelen voor de spiermassa : Een toename van de spiermassa hangt samen met een beter lipidenprofiel en een betere werking van de bloedvaten, wat essentieel is voor de gezondheid van het hart.
- Onderzoek bevestigt dit : onderzoek toont een sterke correlatie aan tussen beenkracht en een verlaagd risico op hartfalen.
De rol van spiermassa voor de gezondheid van het hart
Dr. London legde uit dat de benen ongeveer 40-50% van je totale spiermassa uitmaken. Het versterken van deze spieren kan leiden tot een verbeterde insulinegevoeligheid en glucosecontrole, wat cruciaal is voor het verlagen van het cardiovasculaire risico.
- Insulinegevoeligheid : Studies hebben aangetoond dat een toename van 10% in spiermassa gepaard gaat met een afname van 11% in insulineresistentie.
- Lipidenprofiel : Een grotere spiermassa kan leiden tot lagere triglycerideniveaus en hogere niveaus van het goede HDL-cholesterol, wat het risico op aderverkalking verlaagt.
Hoe oefeningen voor het onderlichaam helpen
- Verhoogde stikstofmonoxideproductie : Dit gas helpt de bloedvaten te ontspannen, waardoor de bloedtoevoer en de aanvoer van voedingsstoffen naar vitale organen toenemen.
- Verbeterde bloedvatfunctie : Sterkere spieren kunnen bloedvaten verwijden, waardoor de bloedsomloop verder verbetert.
- Verminderde ontsteking : Een grotere spiermassa hangt samen met lagere ontstekingsniveaus, wat een belangrijke oorzaak is van hart- en vaatziekten.